Buiksloterwegveer kan vlotter

Sinds 2016 ga ik regelmatig kijken naar de shared space situatie bij het Centraal Station en de drukte bij de veerponten naar de Buiksloterweg.

Er varen sinds april ‘18 vier ponten in de spits, waardoor de frequentie op orde is* en de drukte acceptabel. Het uit- en instromen samen duurt ongeveer twee minuten. 

* Januari  ’19 is het interval 4 minuten volgens het GVB op de schermen. In feite is het 6 minuten (beperkte waarneming; 3 ponten}.

Maar de vraag blijft toenemen. Verder kan er geen pont bij want er zijn maar 2 x 2 aanlegplekken. Vier schepen op éen verbinding is niet kosten-optimaal. Een of twee is normaal, drie is te veel, dan moet je de hele situatie gaan heroverwegen. 

Het is nodig om de oorzaak van de drukte op te sporen.

Het voorstel staat op deze pagina.

Je kon vrij snel vaststellen wat het grootste knelpunt was: de lange duur van de aanlegtijd: ongeveer vier minuten. De oorzaken hiervan:

  1. De instroom moet wachten op de uitstroom;
  2. De voetgangers bepalen het tempo;
  3. Het grote aantal passagiers (in en uit);
  4. Wachtenden aan wal staan in de weg van de uitstroom. Dit werd half aangepakt met rode en groene vlakken. Later werden verkeersregelaars ingezet, die het uitstromen verbeterden. Maar de voetgangers blijven het tempo bepalen.

Er is een wisselwerking tussen de factoren, een duivel-cirkel. De lange aanlegtijd maakte de hele overtocht (cyclus) langer, dus de frequentie en de capaciteit namen af. De beperkte capaciteit leidde tot grotere massa op de kade.

Gevolg: overvolle ponten, een verstoring van de dienstregeling (de twee ponten lagen soms tegelijk aan dezelfde wal) en een wachttijd die kon oplopen tot een kwartier (voor iemand die net een boot miste). De totale overtocht kon twintig minuten kosten.

De oplossing is dus vlotter uit- en instappen, langs twee of drie zijden van het schip in plaats van éen. Zoiets bestaat al, bij voorbeeld de Seabus in Vancouver.

Het inzicht kwam dus te laat voor de ideeënronde begin 2015. In de catalogus van inzendingen komt het verbeteren van de pont-afwikkeling niet voor.

Het voorstel heb ik in mei ’18 voorgelegd aan het GVB, dat alleen een bevestiging stuurde.

In augustus stuurde ik het aan wethouder Dijksma. Het antwoord van de dienst in het kort:

< De veren aanmeren tussen twee steigers is door gemeente en GVB onderzocht. Maar er zijn grote investeringen noodzakelijk in nieuwe schepen of zeer ingrijpend aanpassen van de huidige schepen en de kadesituatie/infrastructuur. Die wegen niet op tegen de baten (tijdswinst). Volgens onze prognoses biedt de huidige aanpak voldoende ruimte om de verwachte groei op te vangen, óók op het Buiksloterwegveer.

De automatische kapitein is een interessant voorstel dat wij meenemen in onze verdere programma-ontwikkeling en afstemming met het GVB. >

Mijn reactie:

  • Ik heb alleen nieuwe schepen voor ogen gehad. Huidige schepen kunnen wellicht ingezet worden voor de toekomstige lijn naar het Zeeburgereiland en/of bestaande lijnen. 
  • Tijdwinst kan/moet leiden tot minder schepen: 2 in plaats van 3-4. Is daar mee gerekend ? Bij zo’n korte vaartijd is snel laden/lossen cruciaal voor een goede frequentie. 
  • Nu maken 80.000 reizigers per dag gebruik van de ponten tussen het centrum en Noord. Dit kan stijgen naar 130.000 gebruikers in 2030 volgens de gemeente. Een fietsbrug komt er niet. Er zijn al vier schepen nodig in de spits, hoe kan daar elk jaar 6 procent bij komen ?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *